| 9 kleine rode paprika’s
(liefst piquillos uit blik) of 5 gewone paprika’s olijfolie 220 gram bloedworst 1 ei geklutst 2 blaadjes verse basilicum, fijngehakt 30 gram boter 2 eetlepels bloem 1 ˝ dl melk 80 gram gare kikkererwten, uitgelekt ˝ theelepel gemberpoeder zout en peper naar smaak 20 gram pijnboompitten |
![]() |
Laat de paprika’s uit blik uitlekken en snij ze
doormidden. Bestrijk verse paprika’s met olijfolie en rooster ze tot dat zij
gaar en zwart zijn en blaren. Laat ze een beetje afkoelen, ontvel ze, snijd ze
doormidden en verwijder de pitjes.
Bak de bloedworst in een droge koekenpan en breek hem intussen met een houten
lepel in stukjes. Haal de pan van het vuur en roer het ei door de worst totdat
het is opgesteven. Roer er de basilicum door en houdt het geheel apart.
Smelt de boter en voeg de bloem toe en maak er een roux van. Bak 2 minuten. Haal
de pan van het vuur en voeg al roerend beetje bij beetje de melk toe. Breng
alles weer al roerend aan de kook en laat de saus binden. Pureer de kikkererwten
en doe ze bij de saus. Voeg ook gemberpoeder, zout en peper toe en laat de saus
4 minuten pruttelen. Giet hem in een ondiepe ovenschaal.
Vul de halve paprika’s met het worstmengsel, leg ze in de saus en bestrooi ze
met pijnboompitten. Zet ze 10 minuten in een tot 180 graden (stand 4)
voorverhitte oven en dien ze op.